Wat houdt de behandeling in?


De ingrepen om de hiervoor geschetste problemen te corrigeren – d.w.z. hetzij te grote borsten, hetzij het doorhangen van de borsten – noemen we borstreductie (of borstverkleining) en borstlifting (of mastopexie). Beide operaties verlopen ongeveer volgens hetzelfde principe: enerzijds wordt de vorm van de borst gecorrigeerd en wordt de tepel opnieuw in een jeugdige of hogere positie geplaatst; anderzijds wordt (hoofdzakelijk bij een borstverkleining) een hoeveelheid borstweefsel weggenomen. Dat kan uiteraard niet zonder het insnijden van de huid.

 

De techniek

 
 

figuur 1
figuur 2
figuur 3
 figuur 4 

 

Zo is – om de tepel naar boven te verplaatsen – een littekentje rond de tepelhof onvermijdelijk. In enkele gevallen volstaat deze ingreep om het gewenste resultaat te bekomen (figuur 1). Meestal echter moet ook een hoeveelheid huid weggenomen worden aan de onderplooi van de borst. Daardoor ontstaat een litteken dat loopt van de tepelhof naar de onderkant van de borst (figuur 2). Al naargelang van de hoeveelheid huid die moet worden weggenomen, komt hier meestal een horizontaal litteken bij, dat in de plooi onderaan de borst loopt (figuur 3) en dus meestal goed verborgen blijft.

 

Het is de taak van de plastisch chirurg om de littekens zo te plaatsen dat ze zo weinig mogeijk opvallen. Bovendien hebben al de genoemde littekens de eigenschap om na verloop van tijd te verbleken en de huidskleur aan te nemen. Daardoor zijn ze na enige tijd alleen nog van heel dichtbij waar te nemen zijn.

Top

Voor de ingreep

Soms moeten vooraf bepaalde voorbereidende onderzoeken uitgevoerd worden: bloedonderzoek, elektrocardiogram, röntgenopname van de longen, ... Uw chirurg zal bepalen of en welke onderzoeken nodig zijn. In elk geval zal een beperkt bloedonderzoek worden gepland, dat u naar keuze kan laten uitvoeren in het laboratorium van de kliniek of bij uw huisarts.

 

Als u ouder bent dan dertig jaar, zal ook een mammografie – een radiologisch onderzoek van het borstklierweefsel – worden uitgevoerd, om de mogelijke aanwezigheid van gezwellen uit te sluiten. Als u jonger bent dan dertig jaar of als u recent een mammografie heeft ondergaan, is dat onderzoek niet nodig. Tot slot worden in het Coupure Centrum ook foto's genomen, die later zullen worden vergeleken met de foto's van na de operatie.

 

Vanaf drie dagen voor de ingreep wast u elke dag het boven­lichaam met een ontsmettende zeep die door uw arts wordt voorgeschreven en die het risico op wondbesmetting tot een minimum zal beperken. Lees ook Belangrijke tips vooraf

Top

De ingreep

Als de ingreep onder algemene verdoving verloopt, moet u zich nuchter aanmelden. Dat betekent dat u vanaf middernacht niet meer mag eten of drinken, behalve wat nodig is voor het innemen van eventuele medicatie.

 

Zodra u zich aanmeldt in het operatiecentrum, wordt u naar de kamer gebracht die voor u werd gereserveerd. Daar wacht u daar tot u aan de beurt bent voor de operatie.

Vóór de operatie maakt u kennis met uw anesthesist, de dokter die u onder verdoving brengt en u gedurende de hele operatie begeleidt. Als zich bij vorige verdovingen iets abnormaals zou hebben voorgedaan, dan meldt u dat best aan hem of haar.

 

Ook de plastisch chirurg komt bij u langs, om ter hoogte van de borst een aantal aantekeningen te maken. U kan bij hem terecht met uw eventuele laatste vragen over de operatie.

 Net voor de ingreep krijgt u een middel toegediend om de operatie rustig tegemoet te kunnen gaan. Vervolgens wordt u naar de operatiezaal gevoerd en in slaap gebracht voor de ingreep.

 

figuur 4

De operatie duurt gemiddeld anderhalf uur. Afhankelijk van de complexiteit en individuele details kan dat wat langer of korter zijn. Tijdens de ingreep worden de tepel en de tepelhof vrijgemaakt en verplaatst naar de gewenste positie.

 

Bij een borstverkleining zal een hoeveelheid borstweefsel en huid weggenomen worden aan de onderkant van de borst (figuur 4).
Tijdens de ingreep wordt de patiënte in rechtopzittende houding gebracht om de tepel zo ideaal mogelijk te positioneren en de borsten zo symmetrisch mogelijk te vormen.

 

De ingreep wordt afgesloten met het plaatsen van een tweetal fijne plastic buisjes (drains) in de wonde, om eventuele nabloedingen en overtollig wondvocht af te leiden naar de vacuüm flesjes die op de buisjes aangesloten zijn. De wonden worden zorgvuldig gedicht met – inwendig – verschillende oplosbare hechtingen en – uitwendig – huidlijm. Enkel de knoopjes van de huiddraad zijn zichtbaar en worden na een tweetal weken verwijderd.

 

Er wordt een kleefverband aangebracht, dat u in de periode onmiddellijk na de ingreep steun zal geven. Het verband is steriel en hoeft niet verwijderd te worden vóór de eerste controle, een week na de ingreep.

Top

Na de ingreep

Onmiddellijk na de ingreep wordt u naar de ontwaakkamer gebracht. Daar blijft u in de regel ongeveer even lang als de duur van de operatie. Als u voldoende ontwaakt bent, wordt u door de anesthesist ontslagen en mag u naar uw eigen kamer terugkeren.

 

Een borstverkleining of borstlift is geen pijnlijke ingreep. De eerste uren krijgt u nog pijnstillers toegediend via het infuus. Zodra dat verwijderd wordt, volstaat een paracetamolpreparaat (Dafalgan®, Perdolan Mono®, Dafalgan Codeïne®, Sanicopyrine®).

  

De dag na de ingreep beoordeelt de chirurg of de buisjes verwijderd mogen worden. Is dat het geval, dan mag u in de namiddag naar huis. Als er daarentegen nog teveel wondvocht wordt afgegeven, blijven de buisjes nog een dagje langer zitten.

 

Een week na de ingreep komt u op controle in het Coupure Centrum. De verpleegster zal het kleefverband verwijderen en uw chirurg zal de wonde controleren. Doorgaans zal de huid van uw borsten op bepaalde plaatsen blauwpaars verkleurd zijn, als gevolg van de bloeduitstortingen die door de ingreep ontstaan. Die kleur zal in de weken na de ingreep echter geleidelijk aan vervagen. Als de wondgenezing goed verloopt, moet u na dit eerste controle­bezoek geen verband meer dragen. De knoopjes van de (oplosbare) huiddraden worden de tweede week verwijderd.

 

Op korte termijn

Op langere termijn  

Op korte termijn

Voor de periode na de operatie schaft u zich in een gespecialiseerde lingeriezaak een ondersteunende, elastische sportbeha aan (zonder beugel). Die moet u na het verwijderen van het eerste kleefverband een drietal weken dag en nacht dragen, om uw borsten maximaal te ondersteunen.

 

De eerste maand zullen uw borsten vast en hard aanvoelen; geleidelijk aan worden ze weer soepeler. Bij het type ingreep waarbij alleen een verticaal litteken aanwezig is van de tepelhof naar onderen toe, kan het zijn dat de huid in het begin nog wat gerimpeld is. Ook die rimpeling verdwijnt in de eerste zes weken.

 

Na twee maanden is de borst mooi soepel geworden en komt u een tweede keer op controle. De chirurg zal uw borsten onderzoeken en foto's maken die vergeleken kunnen worden met de foto's van voor de operatie.

Top 

Op langere termijn

Het herstel van de gevoeligheid van tepel en tepelhof duurt ongeveer zes maanden. Na die tijd moet in principe niet veel evolutie meer verwacht worden.

 

Voor de volledige genezing van de littekens rekenen we zes tot twaalf maanden. De eerste maanden na de ingreep voelen ze rood en hard aan, maar dat verschijnsel verdwijnt geleidelijk. Dat gebeurt onder meer dankzij het aanbrengen van 'Micropore breed' kleefpleisters op de littekens zodra het eerste kleefverband verwijderd is. Daarmee wordt het weefsel rond het litteken ondersteund, terwijl het litteken zelf sneller 'uitrijpt', m.a.w. vlugger bleek en soepel wordt.

 

Het verdient aanbeveling om een jaar na de ingreep opnieuw een mammografie te laten uitvoeren, zodat de resultaten daarvan ge­bruikt kunnen worden om latere mammografieën mee te ­vergelijken.

Top 

Terug naar Borstreductie